Het bemestingsverbod in de pachtvoorwaarden is geen last, maar een noodzakelijk instrument voor stikstofreductie en natuurherstel. Het biedt ons directe, aantoonbare stikstofwinst, juist nu PAS-melders en natuurgebieden onder druk staan. Zonder dit instrument verliezen we een van de weinige maatregelen die snel effect heeft.
De provincie is eigenaar van deze gronden. Net zoals we voorwaarden stellen aan glyfosaat, akkerranden en beheer in het NNN, kunnen we óók een bemestingsverbod opnemen. Dat is juridisch mogelijk, jaarlijks aanpasbaar en transparant aangekondigd. Er is dus geen sprake van rechtsongelijkheid.
Daarnaast draagt het verbod bij aan waterkwaliteit, biodiversiteit en een duurzame landbouwtransitie. De waarde van provinciale gronden ligt niet alleen in opbrengst, maar juist in maatschappelijk rendement en toekomstbestendig gebruik.
Het bemestingsverbod is doelgericht en proportioneel. Het helpt de boeren én natuur vooruit, we moeten verder kijken dan dat onze neus lang is. De vraag naar deze pachtgronden blijft hoog. Dus de motivatie over de opbrengsten kunnen de prullenbak in. Voor de Effectiviteit voor stikstofreductie heeft ervaring uit Overijssel heeft al uitgewezen dat een bemestingsverbod juist helpt.
Als de mest een probleem is kan men beter kijken naar de bio-industrie, om deze te verkleinen of af te schaffen. Dan hebben we minder zorgen over de voedsel zekerheid. Gezien alle argumenten kunnen we vast stellen dat de enige die baat hebben bij dit voorstel dat zijn de mesthandelaren zelf.
Daarom moeten we het bemestingsverbod handhaven c.q. invoeren
